24. Rustig

Rudi gaat zitten terwijl Nellie haar nieuwe kennel verkent. Ze lijkt niet te weten waar eerst te snuffelen. Binnen, aan de nieuwe muren die naar geen andere hond ruiken, of buiten in haar eigen tuintje, waar ze zo vrij kan bewegen dat ze zelfs een eindje kan draven.

Als ze rechtdoor loopt, ziet Rudi dat Nellie een beetje mankt. Overbelast, had de dierenarts gezegd, van altijd dezelfde cirkels te draaien. Met een inzamelactie had Rudi dikke bruine pillen gekocht. Ontstekingsremmers. Pijnstillers. Nellie vindt ze lekker.

De vrijwilligers vertrokken vanavond na hun verdiende pint.

‘Moeten we wachten tot je eruit bent?’ vroeg één van hen.

‘Ga maar,’ antwoordde Rudi.

Nellie keek de mannen na die voldaan van het veld wandelden. Als ze de andere honden eten hadden gegeven, stapten ze in hun wagens en reden ze weg.

Nu gaat Nellie zitten met haar neus in de lucht. Af en toe werpt ze een blik op Rudi die met kruiswoordraadsels in haar kennel zit.

De donkerte bekruipt hen. De letters worden onleesbaar.

‘Nellie, kom’, zegt Rudi. Niet gebiedend. Eenvoudig, rustig. Uitnodigend.

Nellie staat op en komt. In een mand naast Rudi nestelt ze zich op een hoopje dekens, maar ze blijft woelen. Ze is de zachtheid niet gewend. Zuchtend legt ze zich op de harde grond. Haar ogen twinkelen in het vale maanlicht.

Lees morgen hier deel 25 van Nellie, de hond die niet wist hoe hond te zijn. Krijg iedere dag een hoofdstukje van dit verhaal in je mailbox, door onderaan de home-pagina je email-adres in te vullen. Tot morgen.

%d bloggers like this: